Sow for yourself righteousness, reap the fruit of steadfast love; break up your fallow ground, for it is the time to seek the Lord, that He may come and rain salvation upon you (Hosea 10:12).

zondag 24 november 2013

Jij en ik

Ik.
Jij.
Jij en ik.

Ik heb je gewenst.
Je bent gewild.
Je bent geweten.
Ik heb je ontvangen.
Je bent geworden, heel diep in mij en ongezien.
Je bent gezaaid.
Je bent geweven.
Ik heb je gevoed, vóór ik het wist.
Ik heb je vermoed.
Ik ben bevestigd.
Mijn hart heeft een sprongetje gemaakt van blijdschap.
Ik heb je aangekondigd.
Ik heb je gekoesterd.
Ik heb je gevoeld.
Ik heb je gedragen.
Overal mee naar toe.
Als mijn schaduw.
Ik ben gewend geraakt.
Ik heb gedachten aan je gewijd.
Urenlang gemijmerd.
Ik heb gebeden.
Ik heb het geweten.
Jij at mij op.

Geborgen

O, wat kan ik soms gesloten zijn.
Opgesloten zitten.
Opgeborgen.
Diep van binnen.

Oppotten.
Slikken.
Denken.
Dromen.
Mijmeren.

O, wat kunnen mijn gedachten een chaos vormen.
Een onstuimige rivier.
Te heftig om te vissen.
Te gevaarlijk om te zwemmen.
Te woelig voor reflectie.

Maar soms, als ik me dichter voel dan ooit, dan gaan de sluizen zo maar open, puilen er aan alle kanten woorden uit de poriën, rijgen zich bewust aaneen in al dan niet bezielde en bezinnende zinnen.

Rijp of groen.
Klare taal.
Of ook wel minder dan niets.
Uitgedrukt in bekende termen, zeg ik eigenlijk niet veel.
Niets zinnigs op het eerste gezicht.

Het moest er uit.
Het zaaide zich.
Het verbaast ook mij.
Dat ik dat doe.
Dat ik dat kan.
Dat dan.
Ik mijzelf.
Zomaar.
Geef.
Ontbloot.

zaterdag 23 november 2013

Geel en bruin goud

Vanmorgen, onderweg naar de enerverende 'Bloggersday' in Putten, twee keer even uit de auto gestapt om foto's te maken in de mooie bossen van de Utrechtse Heuvelrug. Eerst in Doorn, later bij Amerongen. Veel te kort, want het was er echt prachtig. Vooral toen de zon echt begon te schijnen, hing er een gouden gloed.

Opvallend, voor mij dan, want ik kom daar bijna nooit in dit jaargetijde, waren de vele gele en bruine bladeren aan de bomen en op de grond. Alsof die het langst waren blijven hangen. Veel beuken ook met echte laantjes en een bruin tapijt. 

In de polder van de Alblasserwaard zie je veel meer groen nog aan de bladeren, of de takken zijn al helemaal kaal, nu het geel-groen-rode offensief al weer bijna achter de rug is.

Een bijzondere gewaarwording dus met prachtige effecten, die uitnodigt om nog eens terug te gaan, maar dan veel langer. Slenteren, jutten, mijmeren, ademen. En koesteren in louterend licht.

Geel en bruin goud ...




Weldadig licht in warme kleuren



vrijdag 22 november 2013

De tijd van leven


met een festijn
van kleuren
vuurwerk
perst zich
het laatste restje
zomerlicht
naar buiten


de fierheid
van de bomen
spiegelt zich
in het water
van voorbij

Avondopnamen




Er is vannacht ...

er is
vannacht
zeer zacht
en onverwacht
een woord
geboren

heel stil
en zonder kik
heb ik het
in een lange
warme zin
gelegd

zodat het
wat betekenis
kon krijgen
wat diepte
perspectief
en zin

Zwerm

Het was nog donker.
Het duurde even voor ik het zag.
Eigenlijk hoorde ik ze nog eerder.
Niet met geel geluid, eerder een gezoem.
Geroezemoes.
Het duurde een minuutje voor ik mijn fototoestel uit de binnenzak van mijn jas kon halen.
Voor ik het knopje 'filmen' in kon drukken.
Al fietsend.

Het resultaat is, achteraf, slecht te zien.

Maar het was best indrukwekkend weer.
Ik had het al vaker gezien.
Aanschouwd.
Ondergaan.

Een totale horizonbrede zwerm van spreeuwen over me heen. Nu geen zwerm op afstand met mooie, grillige patronen. Maar direct boven mijn hoofd en naar alle kanten uitwaaierend.

Even op volledig scherm klikken dus, rechts onder (naast YouTube).

donderdag 21 november 2013

En passant


Vanmorgen, tijdens het fotograferen van de beginnende weerschijn, de naderende echo, van het ontspruitend en zich traag ontplooiend morgenlicht, aan de overzijde van de rivier, waar ik zojuist vandaan was gekomen, passeerde precies op het moment van afdrukken een storende factor.

Zo, en passant.
Een passant.
De 'Passant' ...
Een schip met zand.
Los zand.
Een voorbijganger.
Beeld in, beeldvullend, beeld uit.

En ploep, in mijn brein regende het meteen associaties. Er dwarrelden warrige woorden weg, voor ik ze weer vatten kon. Maar het beeld, de naam, het idee hechtte zich vast, het bleef even sluimerend hangen in mijn gedachten.

Beeld van het leven.
Zo weer voorbij.
Vluchtig.
Want zo gaat dat toch vaak.
Je denkt, je ziet, je zegt, je doet.
Soms lijkt dat zo doelloos.
Want je vergeet, je gaat verder, er komt weer wat anders voorbij.
Alles vraagt om aandacht.
Er is maar weinig wat echt blijft hangen.
Weinig wat beklijft, zei men vroeger.