Na een onrustige nacht in verband met verkoudheid en een kriebelende keel, bedenk ik mij, vandaag begint de vastenperiode. Begin van bezinning. Periode van versobering. In de aanloop naar het gedenkwaardige moment van Goede Vrijdag en Pasen. Kruising tussen tijd en eeuwigheid. Raakpunt van God met de mens. Centrum van de wereldgeschiedenis.
Ter plekke besluit ik mij meer te gaan onthechten. Van materie. Vasten van subjectieve interpretaties, inbreng van meningen en gevoelens, ingekleurde beelden.
Gewoon, koel, nuchter naar de feiten kijken. Observeren. Objectief aanschouwen. Beelden beelden laten zijn. Natuurlijk onthechten. Wetenschappelijke bril opzetten.
Als het ware zoeken naar de zin van zen.
Buiten gekomen constateer ik vrijwel direct een kale plek in mijn dagelijks beeld. Er mist een boom. Een grote, indrukwekkende, beeldbepalende treurwilg. Zonde van de boom.
Ai. Fout. Teveel mening ...