Sow for yourself righteousness, reap the fruit of steadfast love; break up your fallow ground, for it is the time to seek the Lord, that He may come and rain salvation upon you (Hosea 10:12).
Posts tonen met het label lichaam. Alle posts tonen
Posts tonen met het label lichaam. Alle posts tonen

zondag 28 januari 2018

Wonderlijk mooi

(Overdenking bij de bijeenkomst van de Week van gebed)

Sommige mensen hebben  een nogal uit de hand gelopen hobby.
Ik heb dat met fotografie. Met name natuurfotografie.
Zonsondergangen, zonsopkomsten, landschappen, paddenstoelen, vogels, vlinders, libellen.
Hoe meer foto’s je neemt, hoe anders  je gaat kijken.
Hoe beter je ook gaat kijken.
Altijd alert, waakzaam, altijd de camera direct bij de hand.
En hoe meer je kijkt, ziet, vastlegt, hoe meer de bewondering toeneemt voor de natuur.
In al zijn verscheidenheid. Altijd anders, altijd wel iets te ontdekken.

Maar je krijgt ook meer bewondering voor de grote Maker van die natuur, de Bedenker, met hoofdletters.
Wat een oog voor detail, wat een kleuren, wat een soortenrijkdom,  wat een diversiteit.
Want er is niet één vogelsoort, maar er zijn vele variaties. Niet één libelle, maar vele varianten aan vorm, kleur en grootte. Vele vlinders, fragiel, breekbaar, maar fladderend in al hun kleurenpracht.
En het licht aan de lucht, de kleuren zijn altijd weer verschillend, aan de randen van de dag.

Mooi is dat hè?
Dat je anders gaat kijken naar je omgeving, als je de link legt naar de Oorsprong ervan.
Gemaakt, bewust.
Bedoeld. Bedacht.
Uit niets geworden.  Tot aanzijn gekomen. Ieder naar zijn aard.
Wonderlijk mooi heeft God het bedacht.
Wonderlijk mooi heeft God het gemaakt.

vrijdag 24 november 2017

Zo herfstig

zo herfstig
zo alleen
zo moe
zo toe
aan slaap

zo zuchtend
en zo grijs
zo zonder
kleuren
en zo hemel
loos

zo leeg
van licht
zo moe
van wind
zo nacht
en naakt
zo nameloos
alleen

zondag 5 maart 2017

Meer dan de ziel ooit bevatten kan



het lichaam
is moe
het hoofd
zit op slot
het hart
is verdwaald
de woorden
zijn kwijt
en de inspiratie
is langzaam
weggeëbd

ja
de nacht
is zwart
als de dood
en als de winter
kil en ijselijk
stil

zondag 24 mei 2015

Er hangt iets in de lucht

er hangt iets
in de lucht
het is zomaar
niet te vangen

er is een lichtje
aangedaan
er is wat meer
te zien dan anders

er is een vuurtje
aangewakkerd
het wonder
van verlangen

voel je het niet
merk je het niet
valt het niet op

zondag 4 augustus 2013

Ik ben

Op een dag.
Dan leg je de maskers af.
Fladderen de filters weg.
Vallen de schellen van je ogen.
Worden de muren rondom je hart afgebroken, steen voor steen of wellicht met donderend geraas. 
Leg je je lichaam af als een ding dat niet beklijven kan.

Dan sta je daar met al je naaktheid.
In je kale blootje, maar er is geen schaamte of schuld, alleen verbazing. 
Want alles is anders geworden.
Directer, concreter, maar tegelijk zachter en met veel mededogen.

Verlangen vervuld, zoektocht beëindigd, jagen gestopt.
Alles in het licht van de waarheid gebracht. 
Door alle vormen heen gebroken. 
Echt en recht. 
Frontaal.
Overweldigend.
En tegelijk alles omvattend en overziend.

Een openbaring.
Een onthulling.
Een keten van ontdekkingen.
Begrijpen.
Accepteren.
Gegrepen zijn.
Geheel.
Volmaakt.
Voltooid.
Open en ontvankelijk.

Adembenemend en bloedstollend.

donderdag 4 juli 2013

Waar is de liefde gebleven?


Wat is er gebeurd met het soepele, beweeglijke en wonderlijke lichaam, het volkomen op elkaar ingespeelde, samenhangende geheel van de onderscheiden delen, met elk een eigen specifieke functie, alles centraal aangestuurd door het overkoepelende en altijd ongeziene Zenuwcentrum? Is zij verstijfd in koppigheid, is zij verdeeld in verschillendheid, is zij in de diepe slaap gevallen van onverschilligheid of wellicht van wellustigheid? Is zij gehandicapt in de soepelheid van gecoördineerde bewegingen, gestoord in de ontvangen impulsen, gebrekkig en stijf geworden in aan- en ontspanningen van de spieren?

Waar is de woelige en gevoelige wind van de Geest gebleven, die altijd weer wegen vindt die onmogelijk lijken, fluisterend als een zoete zomerreiniging of bulderend van heftige verontwaardiging? De flexibiliteit en onnavolgbaarheid van de geest zouden toch altijd groter moeten kunnen zijn dan die van het tastbare en trage lichaam?

Waar is de altijd voor verrassingen zorgende weg gebleven, die lang van tevoren door de Wegbereider was uitgestippeld, naar onbekende verten en onverwachte ontmoetingen? Is zij doodgelopen in duisternis of is zij gestrand in blokkendozen zekerheid of wellicht overwoekerd door keurig aangeharkte tuintjes overzichtelijkheid?

Waar is het flexibele huis gebleven, kunstzinnig opgebouwd van levende stenen? Zijn de levende stenen soms gebakken en uitgehard in de brandende zon van het consumentisme en de lijdelijkheid?

Waar is toch de mysterieuze en tegendraadse waarheid gebleven, die de gebrekkigheid en gebrokenheid blootlegt en de vezels naar hogere en onverwachte redding onthullen kan? Heeft de leer van de leer soms een al te dichtgetimmerd dak aangebracht als kunsthemel van het vreemde gebouw, ter buitensluiting van de zegen van de regen van levend water, met wegneming van het bijzondere uitzicht op het nog meer bijzondere licht, met beperking van de veelzeggende ruimte, met vervluchtiging van de vrijheid in de bedomptheid van elkaar bestrijdende intellecten?

Waar is de gemeente gebleven als gemeenschap van ontmoetingen in gelaagdheid en oefenscholen van luisteren? Stokstijve stokpaardjes geworden wellicht, of al te vrijblijvende luisteraars en beoordeelaars?

En waar is het stromende, soepele, levende, altijd bewegende water van weleer naar toe gevloeid? Is zij wellicht gestold en bevroren in ijskoude nachten en heethoofdige conflicten, onzuiver geworden door overbodige en onterende moddergevechten? Is zij moedwillig de verkeerde richting op gekanaliseerd en verdwenen achter hoge muren of dwangmatige bergen?

Waar zijn de uitbundige zangers van de altijd weer nieuwe liederen van bevlogenheid en inspiratie? Zijn zij gestrand in fossielen van weleer, om er eindeloos over te discussiëren? Of zijn ze elkaar juist aan het bewedijveren in nieuwe, steeds extremere vernisvormen van lawaaidoofheid?

donderdag 28 februari 2013

Ruimte

monter 
zoek ik
de grenzeloze
ruimte op

het regent
tranen
onderweg
naar het heelal
van niets
meer weten

ik heb
mijn lichaam
los gelaten
in de toekomst
het was
te licht
geworden
om te dragen

woensdag 26 december 2012

Incarnatie

De incarnatie is het meest onbegrepen mysterie van het leven.

Het wonder van God, die met een woord 'niets' laat opbloeien tot levende materie en geestelijk wezen.
Die tijd en ruimte schept vanuit een ongeziene, onvoorstelbare eeuwigheid.
Zichzelf vrijwillig beperkingen oplegt.
Zijn aandacht richt.

De Ik ben, die wil.
En het is.
Het wordt.
Het gaat.
Het komt.
Het groeit.
Het leeft.

En het leven, dat weer repeteert.
Zich voortplant.
In een eindeloze cyclus.
Generatie na generatie.
Met ongelooflijke eigenschappen in ongeziene cellen en structuren, elke cel een levend organisme met alle potentie in zich, om uit te groeien tot nieuw levend wezen.

God, die dit allemaal maakt, ziet, onderhoudt, stuurt, meeleeft.
Maar zich ook terugtrekt, het overlaat aan de actie van zijn schepselen.
Tot op zekere hoogte loslaat.
Zichzelf verborgen houdt.
Op afstand blijft.
Transcendent.
Ongrijpbaar.
Onnavolgbaar.

dinsdag 27 november 2012

Vuur

elke boom
heeft water
nodig
en voeding
om te groeien
naar het licht

elk lichaam
leeft op adem
bloed
en energie
om te kunnen
functioneren

wat onze ogen
zien 
in het licht
van werkelijkheid
moeten
hersenen verwerken
om echt
te kunnen begrijpen

zaterdag 21 juli 2012

Droomfontein

het bruist
het spettert
het sist
het knettert

beelden vechten
met woorden
letters stoeien
met ritmische melodie

de wind
van mijn geest
zoekt
door de poort
van herinneringen
naar de toekomst
van het hier
en nu

verward
bedeesd
verstard
ontheemd

de vrijheid heeft 
een louterend vuur
ontstoken

de regen heeft
kleurrijke wolken
gebaard