Het doel van ademen is niet lucht die nodig is, vasthouden, maar durven laten gaan, leeg worden voor de volgende inspirerende hap lucht, zuurstof, leven.
Een ontdekkingsreiziger verlaat de veilige haven, de bekende dingen, de vaste gewoonten. Op zoek naar iets. Niet altijd veilig. Meestal niet bekend. Soms is er de confrontatie met gevaren en tegenslagen. Maar er komt ook een moment dat hij vindt wat hij zoekt. Hij durfde het aan. Om los te laten. Om te kunnen vinden.
Een schip ligt veilig in de haven, voor regen, wind, golven en storm, maar het is bedoeld om uit te varen. Veiligheid zoeken is als bij oasen in de woestijn, bedoeld om op adem te komen, even te vluchten voor de woelige baren, reparaties uit te voeren of proviand in te slaan. Maar de vrijheid zoeken is waar het schip voor bedoeld is.
Alle activiteiten die een mens overdag uitvoert, kennen een moment van eindigen. Stoppen. Los laten. Van ophouden weten. De rust roept. Dat betekent: alles laten gaan. Slapen is jezelf overgeven. Maar dat gebeurt meestal zo geleidelijk, dat we het niet eens merken. We hebben het ritme van dag en nacht, activiteiten en werk, afgewisseld met slaap, nodig om op adem te komen. Lichamelijk en geestelijk te ontladen, alle gebeurtenissen en ontmoetingen een plekje te geven in ons geheugen, en vervolgens weer op te laden voor de volgende dag.