Schok.
Ontroering.
Fluisteringen door de banken.
Waardoor je de rest van de mededelingen niet eens meer hoort of in je opneemt.
Waardoor alles wat nog volgt als een schrijnend, nutteloos ritueel ervaren wordt.
Het gaat hier om een leven.
Een mens.
Een kind nog eigenlijk.
Het gaat hier om de eindigheid van het bestaan.
Maar het gaat ook nog om een vrijwillig gekozen dood.
Doelbewust.
Maar hoogstwaarschijnlijk door de nood gedreven.
Triest einde, leven gebroken in de knop, nog voor het tot volle bloei kon komen.
Heftig, heel aangrijpend, om te horen al, laat staan om het als familie van dichtbij mee te moeten maken.
Ik ken de persoon in kwestie niet van dichtbij. Wil ook niet alle details weten van hoe en wat er precies is gebeurd en wat er aan vooraf gegaan is.
Maar ik herken uit eigen ervaring de pijn en het diepe verdriet die op zo'n dag uit het niets op je afkomen en je wereld en je leven stil zetten.
De tijd stil zetten.
Van het ene op het andere moment.
Alles houdt de adem in.
Verdriet scheurt door je ziel.
Pijn van voelen gaat door heel je lichaam.
Tranen die opwellen, ongecontroleerd, niet tegen te houden.